rubrieken

Stuurlui aan Wal | Hans van Vliet

Hans van Vliet

In deze ‘Stuurlui aan Wal’ spreken we met Hans van Vliet. Hij werd als kind letterlijk het water in gegooid om te leren zwemmen en moest voor straf werken op de akkers in de Vinkeveense Plassen. Pas nu beseft hij dat die ‘straf’ van toen, levenslang gebleven is. Vroeger had hij er een hekel aan, nu kan hij niet meer zonder en is het water niet meer weg te denken uit zijn leven. Hans van Vliet aan het woord over zijn verleden, heden en toekomst.

Ervaar Magazine Stuurlui aan Wal Hans Van Vliet 1
Ervaar Magazine Stuurlui aan Wal Hans Van Vliet 3

Verleden

“De eerste herinnering die ik aan het water heb, is die van een pak slaag,” begint Hans te vertellen. “Mijn ouders hadden negen kinderen die allemaal graag ravotten. Het gebeurde elke week wel een keer dat een van ons in de prutsloot had gezeten. Dan kreeg je een paar tikken voor je kont.” Een meer positieve herinnering die Hans heeft, is die van het schaatsen. ,,Ik was jong, klein en snel,’’ vervolgt hij. “Het was altijd de kunst om de groten bij te benen; daar was ik best goed in. Met het schoolschaatsen van ijsclub Nooitgedacht heb ik toentertijd een paar schaatsen gewonnen. Dat paar heb ik nog steeds. Het is dat ik zelf niet meer het ijs op durf omdat ik bang ben om te vallen, maar de schaatsen doen het nog!’’

De herinneringen aan de koude winters met ijs, doen Hans met een goed gevoel terugkijken. “Snoekstrikken was ook een hoogtepunt,” vervolgt hij. “In de boerensloten lag altijd helder ijs waar je de snoeken doorheen kon zien. We hakten dan een bijt in het ijs, waardoor we een stuk touw met een lus eraan naar beneden lieten zakken. Die ging dan om de kop van de snoek heen… en hop! De snoeken gingen mee naar huis en werden schoongemaakt en opgegeten.”

Ook het ‘schotsietrappen’ was favoriet. “Ook al lag er maar een dun laagje ijs, het was altijd de kunst om de slootjes over te steken,’’ vervolgt de Vinkevener. “Je moest echt snel wezen. In ieder geval sneller dan de anderen, anders had je gegarandeerd natte voeten. Ik kwam vaak te laat op school en zat regelmatig met natte voeten in de klas…”

“Als er iemand ziek was op de baggermachine, moest ik daar invallen. Tussen alle oude mannen die pruimden en spuugden. Dat waren rotdagen.’’

Zwemmen

Hans leerde zwemmen van zijn vader. Die ging met hem de plas op met een roeibootje, een plank en een touw voor om Hans’ middel. “Leren zwemmen waar je niet kunt staan en in water waarin je niets kunt zien, is niet fijn,’’ vertelt Hans. “Als we klaar waren, trok mijn vader me aan het touw weer naar de boot toe, waardoor ik half onder water verdween. Die herinneringen zijn niet fijn.” Hans haalde nooit zwemdiploma’s maar leerde later wel zijn hoofd boven water houden bij de zwemlessen in het buitenzwembad waar nu Vinkeveen Haven zich bevindt. “Toen ik dat kon, durfde ik met vrienden langs de N201 te gaan zwemmen, bij Dokter Bijlevelds’ huisje. Dat deden we graag in onze vrije tijd en bovendien was het gratis. Om in het zwembad te mogen zwemmen, moest je betalen.”

Toen Hans ouder werd, ging hij naar de Ambachtschool, waar hij leerde voor automonteur. Later ging hij aan het werk bij NV Smelt. “Ik was daar niet braaf en werd drie keer ontslagen,’’ vertelt hij. “Toen was mijn vader het zat en moest ik met hem mee, de Plas op. Ik moest takkenbossen verzamelen en helpen in de turf. Dat alles in mijn uppie en ik was pas 17. Als er iemand ziek was op de baggermachine, moest ik daar invallen. Tussen alle oude mannen die pruimden en spuugden. Dat waren rotdagen.”

Ervaar Magazine Stuurlui aan Wal Hans Van Vliet 8

Heden

Door de jaren heen groeide de liefde van Hans voor het water en kocht hij steeds meer akkers om deze te verhuren aan recreanten. Dat doet hij nog steeds, ondanks zijn leeftijd. Naast zijn werk maakt hij ook elke dag even zijn hoofd leeg tijdens een boottochtje over het water. Het liefst ’s ochtends vroeg. “Ik ga elke dag het water op voor een rondje,’’ vertelt hij. “Van de week voer ik ’s ochtends terwijl de zon op kwam. Ik zag de weerkaatsing in het water en ontmoette de vogels die wakker werden. Ik vond het werkelijk onbegrijpelijk dat ik dit nog mee mag maken. Zo prachtig. Dat is niet onder woorden te brengen.”

“Water en vrouwen, daar moet je lief voor wezen...
Anders glipt het tussen je vingers door...”

Toekomst

Hans is bang voor de tijd dat hij niet meer zijn dagelijkse vaartochtje kan maken. “Die tijd komt eraan,’’ zucht hij. “Ik probeer nu al mijn bootje en mijn terrein dusdanig in te richten dat ik nog zelf in kan stappen en kan varen. Mijn knie doet het niet zo goed meer, dus ook dat houdt een keer op.” Het onderhoud van al zijn land gaat hij aan derden uitbesteden. “Daar ging zoveel tijd in zitten,” zegt hij. “De wind en het water doen vierentwintig uur per dag hun best. Je hebt echt 52 weken per jaar nodig om dat voor te zijn. Ik zeg daarom niet voor niets altijd: ‘Voor water en vrouwen moet je lief wezen. Anders glipt het tussen je vingers door.’ Maar voorlopig ben ik vooral heel dankbaar dat ik hier nog van mag en kan genieten.”

1Reactie
  • Martin Versteeg
    Geplaatst op 11:18h, 24 december Beantwoorden

    Prima initiatief om al die verhalen van Vinkeveners op papier te krijgen!

Geef een reactie